Stijn Benjamin

← Alle artikelen

De Data Lens · · 6 min lezen

Data-impact moet te vertalen zijn naar strategisch niveau (EVO-framework)

Het meest geavanceerde algoritme is weinig waard als het niet is gekoppeld aan een strategisch doel.

Veel data-initiatieven starten geïsoleerd binnen één afdeling, omdat een specifiek team bijvoorbeeld informatie mist om dagelijkse beslissingen te verbeteren. Op het niveau van zo’n individueel team is zo’n initiatief vaak logisch, maar op directieniveau wordt er met een andere lens naar gekeken.

Als de vertaling naar directieniveau ontbreekt, blijft impact impliciet (“het wordt beter”) in plaats van expliciet (omzet omhoog, kosten omlaag, risico omlaag).

Dat creëert gemiste waarde. Schaarse data- en IT-capaciteit gaat naar initiatieven die geen KPI bewegen. Ondertussen blijven de echt waardevolle kansen liggen.

In dit artikel laat ik zien waarom strategische koppeling en meetbaarheid de doorslag geven, en hoe je dit praktisch organiseert met het EVO-framework.


Het belang van de strategische koppeling

Eigen onderzoek

Uit mijn masterscriptie blijkt dat hoe sterker een data-initiatief gekoppeld is aan de overkoepelende strategie, hoe hoger de ervaren waarde na implementatie. Voor deze conclusie zijn 37 directieleden (CTO's, COO's, etc.) van het mkb gevraagd naar hun meest recente ervaringen met data-initiatieven.

Consultancies

Onderzoek van BCG ondersteunt mijn bevinding en laat zien dat succesvolle data-initiatieven meestal starten met een geïntegreerde strategie1. Hierbij zijn heldere doelen direct gekoppeld aan meetbare bedrijfsresultaten en KPI’s. Ook blijkt dat een business-led technologie-architectuur belangrijk is, waarbij technologiekeuzes voortkomen uit de behoeften van de organisatie en niet uit losse IT-voorkeuren.

McKinsey benadrukt een vergelijkbaar punt. Zij geven aan dat digitale initiatieven altijd moeten beginnen bij een concreet bedrijfsprobleem of -doel2. Ze waarschuwen hierbij om niet verleid te raken door technologie om de technologie zelf.

Als derde ziet ook Deloitte deze spanning terug. In een wereldwijde enquête noemt 70% van de executives digitale transformatie de belangrijkste investering voor waardecreatie, terwijl driekwart moeite heeft om succescriteria en KPI’s scherp te definiëren3. Organisaties die dit wel goed op orde hebben, rapporteren gemiddeld 20% meer waarde uit hun digitale initiatieven.

Wetenschappelijke literatuur

Wetenschappelijk onderzoek laat zien dat misalignment tussen bedrijfsstrategie en de implementatie van analytics-oplossingen een dominante faalfactor is4. Daarnaast is een gebrek aan organisatiebrede alignment een tweede terugkerend probleem.

Een andere grootschalige studie naar kritieke succesfactoren voor digitaliseringsprojecten toont aan dat betrokkenheid van de top en strategische afstemming cruciaal zijn5.

Verder onderstreept onderzoek naar waarderealisatie in digitale transformaties het belang van doelalignment boven dwangmatige implementatie. Wanneer transformatiedoelen namelijk expliciet gekoppeld zijn aan de strategische organisatiedoelen, worden resultaten consistenter behaald, en is de kans op succes groter6.


Aanpak (EVO-framework)

De conclusie uit de praktijk en de wetenschap is eenduidig: data-initiatieven moeten in lijn staan met de strategie en de waardecreatie moet meetbaar zijn. Om dit proces praktisch in te richten, gebruik ik een 3-stappenaanpak die ik EVO noem: Exploratie, Validatie en Orkestratie.

In dit framework maak je de vertaalslag door kwalitatieve strategische verbinding (Exploratie) te combineren met kwantitatieve onderbouwing (Validatie). Tot slot ga je de initiatieven overzichtelijk maken in een portfolio, om er vervolgens een roadmap van te maken (Orkestreren).

De eerste twee stappen zijn te koppelen aan het bekende DVF-framework. Bij Exploratie kijk je naar de desirability (is er vraag naar?) en de feasibility (is het technisch haalbaar?). Bij Validatie toets je de viability (is het rendabel?).

1. Exploratie (use case)

Het begint ermee dat je per afdeling de processen en beslismomenten expliciet maakt. Dat lukt alleen door met de mensen uit die afdeling te praten en te sparren over hoe beslissingen nu worden genomen, waar frictie zit en welke informatie ontbreekt. Vanuit die gesprekken kun je de datapijnpunten en datakansen scherp krijgen. Tegelijk heeft elke afdeling eigen doelen, en moet helder zijn hoe die doelen bijdragen aan de KPI’s van het bedrijf als geheel.

Goede data-initiatieven worden daarom zowel top-down als bottom-up ontworpen. Top-down, omdat je wilt aansluiten op strategie en KPI’s, bottom-up, omdat adoptie bepaalt of er überhaupt impact ontstaat. Daarnaast moeten er duidelijke use cases zijn. Een initiatief kan op papier perfect logisch zijn, maar als de eindgebruiker het niet kan of wil gebruiken, is het niet de optimale oplossing.

Naast processen moet ook het datalandschap in kaart worden gebracht: welke bronnen bestaan er, wie is eigenaar, hoe betrouwbaar zijn definities, en hoe toegankelijk is de data? Pas als je die combinatie hebt, kun je concrete use cases formuleren die niet alleen technisch haalbaar zijn, maar ook echt zorgen voor betere besluitvorming en een positieve impact op KPI’s.

2. Validatie (value case)

Het doel van validatie is om een data-initiatief te verschuiven van “klinkt logisch” naar “dit is het waard om te bouwen”. In deze fase maak je de businesscase concreet: je onderbouwt met getallen wat het initiatief naar verwachting oplevert en wat het kost.

Dat kan alleen als de verwachte impact expliciet gekoppeld wordt aan een KPI op strategisch, afdelings- of teamniveau, zoals bezettingsgraad, omzetverlies, doorlooptijd, foutpercentage of risicoreductie. Daarmee wordt het initiatief verdedigbaar op CXO-niveau, omdat het niet meer gaat over een tool of een model, maar over meetbare bedrijfsuitkomsten.

Concretiseer dit door bijvoorbeeld de ‘cost of inaction’ (de prijs van niets doen) en de ‘time-to-value’ te berekenen. Zodra je de impact vertaalt naar euro’s, verandert een technisch plan in een rationele investering die op directieniveau een no-brainer wordt.

3. Orkestratie (portfolio & roadmap)

In deze fase maak je van losse initiatieven een portfolio. In plaats van losse projecten krijg je overzicht. Welke initiatieven leveren de meeste waarde, welke zijn randvoorwaardelijk, welke hebben afhankelijkheden en welke concurreren om dezelfde schaarse capaciteit? Daardoor kun je projecten rationeel met elkaar vergelijken en prioriteren op basis van waarde, effort, risico en time-to-value.

Het portfolio maakt meteen onderscheid zichtbaar tussen quick wins (lage effort, snelle KPI-impact), funderingsprojecten (datakwaliteit, definities, infrastructuur) en strategische bets (high effort, high reward). Pas met dat overzicht kun je een roadmap maken die uitvoerbaar is. Namelijk met een logische volgorde met sequencing op afhankelijkheden en duidelijke mijlpalen.

Je hoeft als organisatie niet eerst een volledige data-roadmap uit te tekenen voordat je met een eerste en waardevol data-initiatief start. Een roadmap krijgt pas echt waarde zodra het bedrijf data als serieuze waardedriver ziet en bereid is structureel te investeren.

In de beginfase bouw je draagvlak met quick wins: initiatieven met een korte time-to-value en aantoonbare impact op een relevante strategische of afdelings-KPI. Daarmee verdient datagedreven werken vertrouwen, groeit de interne motivatie en komt er budget- en capaciteitruimte vrij. Pas daarna wordt het logisch om de gevalideerde initiatieven te bundelen tot een portfolio, en dat portfolio te vertalen naar een roadmap die ook echt uitgevoerd wordt.


Conclusie

Een data-initiatief is pas strategisch als je het kunt uitleggen in KPI-taal. Zonder die vertaling blijft impact impliciet en gaat schaarse data- en IT-capaciteit naar projecten die op dat moment niet de maximale waarde opleveren.

Onderzoek wijst dezelfde richting. Waarde ontstaat pas als een initiatief aantoonbaar aansluit op de strategie en succes meetbaar is. Het EVO-framework brengt daar structuur in. Exploratie koppelt use cases aan bedrijfsdoelen en adoptie. Validatie maakt KPI-impact en businesscase hard. Orkestratie vertaalt dit naar een portfolio en een uitvoerbare roadmap.

In het volgende artikel laat ik zien hoe mkb’s grotere stappen maken met data door kleiner te denken. Wil je dit soort inzichten blijven ontvangen, abonneer je dan op deze nieuwsbrief.


Dit artikel verscheen eerder in De Data Lens op Substack.

Geen artikel missen? Meld je gratis aan voor De Data Lens. Nieuwe artikelen komen per e-mail binnen via Substack.

Meld je aan

Wil je weten wat data bij jou kan opleveren?

In een gratis Kansenscan van 30 minuten vertel je wat je wilt bereiken. Ik benoem de meest kansrijke richtingen en zeg eerlijk wat ik ervan denk.